Nog jong zeker?

“Nog jong zeker” hoor ik minstens 1 keer per week als ik naast mijn baasje door het dorp huppel. “Die is zo oud nog niet” wordt menigmaal geroepen als ik naast de fiets ren. “Die komt net kijken” als ik weer eens een sprintje trek door de duinen en daarbij drie keer om mijn as draai.
Mijn baasje antwoordt dan vol trots “Hij is ruim 5” of “ Hij wordt over een paar maandjes zes”. Ik mag dan een hele jeugdige uitstraling hebben maar een puppie ben ik natuurlijk niet meer. De eerste grijze haartjes zitten al op mijn wangen.
Enige tijd geleden had ik weer een dolle bui en schoof ik met mijn achterpoten naar voren tegen een muurtje op. Tja, mijn rem wil niet altijd werken en dat muurtje stond toch echt in de weg. En of het nou van die keer kwam of van een andere keer toen ik bijna over de kop vloog omdat ik een heuveltje afrende en mijn poten sneller gingen dan dat ik kon denken. Het resultaat was hetzelfde, ik piepte als ik sprong, dus ik sprong niet meer. Vinden mijn baasjes op zich niet erg, een iets rustigere Hannes, maar toen ik ook niet meer in de auto wilde springen, werd het toch wel een probleempje.
Ik ben namelijk geen lichtgewicht. Tuurlijk zijn er boxers die nog zwaarder zijn dan mijn 36 kilo. Maar baasje heeft best moeite om mij in de auto te tillen. Daarnaast stribbel ik ook nog eens tegen.
Dus op naar de dames in blauwe jasjes voor een uitgebreide check.
Voorpoot links, geen probleem. Voorpoot rechts kon ook nog behoorlijk uithalen. Achterpoot links, volledig uitklapbaar. Achterpoot rechts, niet aankomen a.u.b. Daar was ik heel duidelijk in. Ik werd naar huis gestuurd met pillen en poeders. “Als het na een weekje niet over is, kom dan maar terug” riepen de dames mij na.
Het duurde een paar dagen voordat ik weer helemaal de oude was. Inmiddels maak ik weer alle bokkensprongen, salto mortales en duikvluchten, maar de auto… daar wil ik niet inspringen. Ik doe het gewoon niet meer.
Dus sinds een weekje heeft baasje een uitvouwbaar trapje gekocht. Zo’n praktisch dingetje dat uitklapt, tegen de achterbak aangezet kan worden zodat ik daar rustig op kan wandelen. En nu voel ik mij net een bejaarde als dat trapje uitgevouwen wordt. Niemand die meer zegt “Jong beestje zeker”als ik midden op dat ding sta. “Hooguit twee jaar” als ik sta te bibberen halverwege.
Dat trapje is dan wel handig maar mijn imago is volledig naar zijn grootje. Misschien moet ik toch nog eens de sprong gaan wagen.
