Hulp in de huishouding

Je kent dat wel, als vrouwen willen praten, kan je beter wegwezen want er komt nooit iets goed van, tenminste zo is mijn ervaring met mijn baasje. Dus toen ze van de week op het hoekje van mijn mand ging zitten, wist ik al hoe laat het was… Ik was de Sjaak, om het zo maar te zeggen. “Hannes, luister eens”, zei mijn baasje. “De vakantie is voorbij. Het gewone leven gaat beginnen. En dat betekent dat jij ook een steentje moet bijdragen aan het huishouden. We werken allemaal en hebben daarnaast een druk leven, dus het zou prettig zijn als jij ook wat taken doet. En ja, ik weet dat jij ook werkt, maar dat ontslaat niet van de plicht je poten uit de mouwen te steken”.

Ik keek mijn baasje aan met grote ogen. Ze is niet goed snik, dacht ik nog. Heeft ze enig idee hoe vermoeiend de vakantie was? Daar moet ik minstens 3 maanden van bij komen en daarbij, ik ben wel de jongste van ons huishouden maar kinderarbeid mag niet. Hondenarbeid ook niet volgens de wet. Maar baasje was onverbiddelijk. “Hannes, als jij nou eens helpt met stofzuigen? Je bent degene die de meeste haren verliest en al dat zand naar binnen sjouwt. Misschien kan je ook helpen met het vegen van de schuur. Dat zouden we ook mee geholpen zijn. En zou je misschien het oud papier kunnen wegbrengen als je toch buiten een rondje loopt?”

Je snapt het al, hoe langer mijn baasje op de hoek van mijn mand bleef zitten , hoe meer taken ik er bij kreeg. De enige manier om te zorgen dat ik niet ook nog verantwoordelijk werd voor de boodschappen, de was en het strijkwerk is de boel zo slim en efficiënt te saboteren.

In de schuur vind ik de bezem. Keurig in de hoek achterin. Ik sleep dat ding naar het midden van de ruimte en geef er een slinger aan. De lange stok raakt de voorraad kast. Kleng! Ik zet mijn tanden in de borstel, schud met mijn kop en hatseflats, de bezem vliegt opnieuw door de ruimte. Ik schud, ik grom en gooi, totdat baasje de bezem achter slot en grendel zet. “Hannes toch, dit schiet toch niet op. Je maakt er een puinhoop van. Het is de bedoeling dat je opruimt.” Terwijl ze staat te mopperen, trekt ze de stofzuiger achter zich aan. Ze steekt de stekker in het stopcontact en wil met de slang de hoekjes en gaatjes van de kamer stofzuigen. Ik grijp direct de kop van de slang en laat mijn wangen naar binnen zuigen. Terwijl mijn darmen van binnen naar buiten worden gezogen , grijpt mijn baasje mij in de nekvel. “Nee Hannes, ook dit mag niet. Foei.”

En ik wandel met een onschuldig gezicht verder de schuur in. Dozen vol oud papier staan opgestapeld in de schuur. Het lijkt of ze al maanden niet naar de papierbak zijn gelopen of dat ze alle pakketjes per post hebben laten opsturen. In ieder geval is het een enorme klus om die bende op te ruimen. Een klus die ik normaal gesproken graag aan zou gaan ware het niet dat ik mijzelf beloofd heb om de boel zo goed mogelijk te saboteren. En ik heb geveegd en gestofzuigd min of meer. Dus in plaats van het papier zo klein mogelijk te maken door mijn tanden er in te zetten en tot postzegelformaat te versnipperen, leg ik mijn lange lijf te rusten. Als na een kwartiertje mijn baasje komt kijken hoe ver ik breng, snurk ik er op los. Ik word zelfs niet wakker als ze het papier onder mijn lijf vandaan trekt.

Nee, huishoudelijke klussen zijn niet mijn ding. Doe mij maar twee huisslaven, genaamd baasjes, die alle zooi opruimen. Ik ben toch niet voor niets de meest belangrijke persoon in dit huishouden, toch?

Vergelijkbare berichten