Je bent van mij

Zaterdagochtend, stralend weer met een zonnetje. De fiets staat al buiten als baasje mij roept. “Kom op Hannes, luie donder, tijd om even de benen te strekken.” Met moeite kom ik uit de mand, want ik ben nog steeds geen vroege vogel terwijl mijn baasje altijd voor 8 uur ‘s ochtends al naar buiten gaat. Maar trouw als ik ben, sleep ik mijzelf uit de mand en ga ik naast de fiets staan. Nog even schud ik de slaap uit mijn ogen om dan langzaam in het tempo van de fiets te komen. Met regelmaat stop ik even om mijn behoefte te doen. Baasje en ik zijn prima op elkaar afgesteld. Ik geef het tijdig aan door een ruk aan de riem te geven en zij stopt net op tijd zodat ik niet rennend hoef te poepen.

We rijden en lopen door de bollenvelden die inmiddels bedekt zijn met stro. Het tempo ligt best hoog maar dat kan ik wel aan. Mijn conditie is top. Dat is wel te zien aan mijn gestroomlijnde billen. Na de bollenvelden gaan we richting bos en duin om uiteindelijk uit te komen bij het strand. Ik kijk het baasje aan; zullen we, kunnen we? Want even los spelen op het strand is ook wel heel gezellig.

Niet veel later ploetert baasje door het zand met haar fiets. Ik heb inmiddels mijn favoriete bal in mijn mond en ren heerlijk door de branding. Dan komen er drie heren voorbij, al joggend fluiten ze naar mij. Ik zet er flink de pas in en ga achter de heren aan. Ze spelen en stoeien met mij en proberen mijn bal te pakken terwijl ze ondertussen naar mijn baasje roepen. “We rennen door naar Den Helder en sturen daar je hond wel weer terug.” Baasje lacht; “Succes mannen, ik hoop dat jullie daar aankomen voordat de zon weer onder gaat.” Ik vind de mannen leuk, ik vind gewoon aandacht leuk. Dan hoor ik de baas fluiten. Direct draai ik mij om en ga richting baasje, want hoe leuk ik anderen ook vind, zij is van mij…

Zondagochtend, ik loop opnieuw op het strand, want ja, zo’n bofkont ben ik nu eenmaal. Naast mij stuitert vriend Binkie. We hadden niets afgesproken maar in ene stond hij voor mijn neus. Hoe leuk is dat. We stuiteren met zijn tweetjes over het strand. Andere mensen springen opzij als wij eraan komen. 90 kilo hondengeweld dendert door alles en iedereen heen. Dan komt er een andere hond aan rennen. Maar drie is teveel, vind ik. Binkie is van mij en dat laat ik heel duidelijk weten. Ik maak mij groot en zet mijn haren overeind. Er wordt niet vreemd gegaan en er komt geen derde wiel aan deze wagen. Binkie hoort bij mij en die wil ik niet delen. Met luid geblaf en gebrom jaag ik de andere hond over het strand.

Als ik terug ben bij de baas, is Binkie nog op zoek naar de andere hond. Baasje roept; “Binkie, kom maar. Binkie, hier!” En tot ieders verrassing draait Bink zich om en rent dan in een rechte lijn op mijn baasje af. Vlak voordat hij mijn baasje ramt, spring ik er tussen. “Goed dat je hebt geluisterd, Binkie”, grom ik in zijn oor, “maar dit is wel mijn baasje, dus die is van mij. Graag je melden bij je eigen baas. Kom op, ik duw je er wel even naar toe.”

Ik laat geen ruimte voor Binkie om geknuffeld te worden door mijn baasje. Nee, binnen een straal van een meter duld ik geen andere honden in de buurt van mijn baasje. Want weet je, dat baasje is van mij. En dat mag de hele wereld weten hoor.

‘s Avonds plof ik op schoot bij mijn baasje. Ik nestel mij in haar armen. Mijn ogen vallen bijna dicht en mijn tongetje glipt naar buiten. Ik ben helemaal niet bezitterig hoor. Zolang ik maar de enige ben die dicht bij haar is, vind ik alles goed.

Vergelijkbare berichten

  • Sorry

    “Hier wil ik even naar binnen Hannes. Ze hebben hier vast een leuk Sinterklaaskadootje voor één van de meiden.” Voor de deur van het winkeltje staat een houten bankje, een stevig houten bankje met grote rieten manden erop gevuld met brei en haakboeken. Lekker zwaar. “Je kan niet mee naar binnen Hannes, dus ik zet…

  • Verwarring

    Commando’s zijn zinnen die mijn baasje roept in de hoop dat ik er naar luister. Zeker als ze dezelfde dingen vaak herhaalt, dan wil ik nog wel eens precies doen wat ze wil. Niet te vaak natuurlijk, anders gaat ze er aan wennen. Maar net genoeg om haar te laten denken dat ik gehoorzaam ben….

  • De Neus

    Voor een hond is de neus het meest belangrijke orgaan. Een meesterwerk van de natuur. De neus is als een vingerafdruk van de hond met een eigen uniek patroon. Ik ben zelf bijzonder trots op mijn dopneus, geflankeerd door zacht witte fluwelen wangetjes zodat hij er extra goed uitspringt. Maar om nou te zeggen dat…

  • Sorry!

    Vorige week vertelde ik dat Tweety, ons gele autootje, uit logeren is. Daarom moet ik bijna elke dag met de fiets naar het werk, het strand, het bos. Op zich niet zo erg, want het is prachtig weer, maar ik ben liever lui dan moe dus ik vind er wel wat van. Jullie advies; “spring…

  • Rustig!

    “Wat is ‘ie rustig”. We staan in de koffiehoek van het kantoor. Ik zit op mijn gat te wachten op mijn ontbijt. Baasje is mijn waterbak aan het vullen als er een monteur binnen stapt. Ik heb geen aandacht voor deze meneer, want ik wacht op mijn eten. En als een echte man kan ik…

8 reacties

  1. Ach Hannes toch. Zoals ik jouw baasje ken zal ze ook altijd bij jou zijn. In voor en tegenspoed!

Reacties zijn gesloten.