Zoenen

Het is dinsdagavond. Baasjes beurt om te koken dus we lopen richting de snackbar. Helemaal vergeten dat het de laatste avond van de carnaval is. De snackbar puilt uit met feestgangers. Geen plek voor mijn baasjes en mij. We lopen door richting de Chinees. Ook een plek waar we vaak op dinsdag komen. En ik ben daar altijd welkom.
Bij de Chinees staan al lange tafels gedekt. Aan de zijkant zit een heer in boerenkiel en één van de leden van de Raad van Elf. Strak in het pak, steek op zijn kale knikker met fazantenveer erop. “Hé hondje, pas je op dat je niet in pan eindigt. Kom maar hier, dan krijg je een knuffel”. Voordat mijn baasje het in de gaten heb, zit ik al op schoot en zet ik de steek scheef op zijn bolletje. “Hannes toch, kom hier.” en baasje trekt mij mee verder het restaurant in. Een lachsalvo achter ons latend. Als we net een plekje gevonden hebben, grote baas aan de ene kant, baasje aan de andere kant en ik als deugd in het midden, komt er een groep van 25 carnavalvierders binnen. Verkleed als Teletubbie, banaan, aap en cowboy met bierpul in de hand. Al herrie makend zoeken ze een plekje aan de lange tafel. Mij zien ze niet, want ik lig heerlijk tussen mijn baasjes in. Lekker rustig en niemand tot last.
Dan lopen er vier dames van 50 plus, uitgedost in sexy piratenpakjes, het restaurant binnen. Het is duidelijk dat er al vele biertjes naar binnen zijn gewerkt. De enige tafel die nu nog vrij is, is vlak achter ons. “Ahh, een boxer” roept een piratendame boven al het geroezemoes uit. En zoals het een echte boxer betaamd vlieg ik onder de tafel uit om de dame uitbundig te begroeten. Door deze actie zet ik mijn baasje klem in de hoek terwijl ik mijn voorpoten op de heupen van PiratenJetje zet. Mijn harige bakkes begraaf ik in de weelderige boezem. “Hannes, Hannes” roept mijn baas maar ik hoor of zie niets anders dan deze aantrekkelijke vrouw met haar zachte vlees en wulpse vormen. Eén poot zet ik op de stoel, een ander trek ik bij en dan leg ik mijn voorpoten op haar schouders. Haar vriendinnen zijn in een verhitte discussie beland met mijn grote baas over welke foto het mooist is van de piratendame en mij. Want dat er een foto gestuurd moet worden naar de echtgenoot is wel duidelijk. Intussen heeft de rest van de bezoekers mij ook opgemerkt en mijn voorliefde voor de volle borsten in het piratenpak. Terwijl ik mijn lange tong in de decolleté laat zakken, scandeert de gehele zaak “Zoenen! Zoenen!” Mijn harige wangen worden vastgepakt door gemanicuurde handen. De piratendame trekt mijn hoofd richting de hare. Vol op mijn platte snoet krijg ik de eerste dikke zoen. Dat laat ik niet zomaar gebeuren en ik kus vol overgave terug. Mmmm, aardbeienlipstift?
Mijn baasje doet verwoede pogingen om uit haar hoekje te komen. Grote baas ligt helemaal slap van het lachen onder de tafel. Dan word ik bij kop en kont opgepakt, baasjes glaasje cola is nog niet eens leeg. “Meekomen Hannes. Dit kan toch echt niet. Zo ben je toch niet opgevoed. Zoenen doe je toch met je soortgenoten en zeker niet ‘en public’ in het restaurant met een piraat. Straks mag je hier niet meer terugkomen.” Met een zwaai verdwijn ik door de achterdeur zo de Chinees uit. De feestgangers achter mij latend. Baasje loopt hoofdschuddend naar huis. “Ik ga wel een date regelen met je vriendin Mila, het boxerteefje die aan de andere kant van het dorp woont. Mag je die helemaal aflebberen.”
Baasje heeft woord gehouden, de volgende ochtend op het strand tref ik Mila. En ik, ik trek alles uit de kast om haar te behagen. Ik kus, knuffel, kwijl haar helemaal onder. En haar baasjes ook. Ik tover zelfs mijn roze lipstick te voorschijn om die aan Mila te laten zien. En baasje heeft gelijk, zoenen met een soortgenoot is toch het heerlijkste wat er is.

Oh om te gillen. Jullie zijn wel stoer en stevig hoor baasjes!